De eetkamer is in veel huishoudens het sociale hart van de woning. Het is de plek waar we niet alleen eten, maar ook werken, huiswerk maken en urenlang natafelen met vrienden en familie. Toch wordt er bij het inrichten van deze ruimte vaak puur naar esthetiek gekeken, terwijl het fysieke comfort minstens zo belangrijk is. Niets verpest een goed diner sneller dan rugpijn of beknelde benen.
In dit artikel duiken we in de ergonomie van het zitten. We kijken naar de ideale verhoudingen tussen tafel en zitvlak, de benodigde ruimte per persoon en waar je op moet letten om een gezonde zithouding te bevorderen.
De gulden snede tussen tafelblad en zithoogte
Het geheim van lekker zitten zit hem niet alleen in het zitmeubel zelf, maar vooral in de interactie met de tafel. Er bestaat een universele vuistregel voor de afstand tussen de bovenkant van het zitvlak en de bovenkant van het tafelblad. Idealiter ligt deze ruimte rond de 30 centimeter, met een marge van ongeveer 2 centimeter naar boven of beneden.
De meeste eettafels hebben een standaardhoogte van ongeveer 75 tot 76 centimeter. Dit betekent dat de ideale zithoogte rond de 45 of 46 centimeter ligt. Is de zitting te laag? Dan trekken mensen onbewust hun schouders op om bij hun bord te komen, wat leidt tot nekklachten. Is de zitting te hoog? Dan komen de bovenbenen klem te zitten tegen de regel (de balk onder het tafelblad) of moet men vooroverbuigen, wat belastend is voor de onderrug. Bij het selecteren van stoelen eettafel combinaties is het dus cruciaal om niet alleen naar de stijl te kijken, maar ook de meetlat erbij te pakken. Vergeet hierbij niet de dikte van het tafelblad mee te rekenen; een robuust houten blad van 6 centimeter dik laat minder beenruimte over dan een dun keramisch blad, zelfs als de bovenkant even hoog is.
Breedte en bewegingsvrijheid
Naast de hoogte is de breedte een essentiële factor voor comfort. Hoeveel ruimte heeft een mens nodig om ontspannen te kunnen eten zonder de buurman continu aan te stoten? De ergonomische richtlijn is minimaal 60 centimeter breedte per persoon, maar voor echt comfort (zeker bij uitgebreide diners met veel bestek en glazen) wordt 70 centimeter aangeraden.
Dit heeft directe invloed op hoeveel zitplaatsen er werkelijk aan een tafel passen. Een tafel van 2 meter lang lijkt groot, maar als de poten ver naar binnen staan of de zitmeubels erg breed zijn, passen er misschien maar twee mensen per kant in plaats van drie. Hierbij spelen armleuningen een grote rol. Stoelen met armleuningen zijn fantastisch voor het comfort tijdens het natafelen, omdat ze de schouders ontlasten. Echter, ze zijn vaak breder en vragen meer ruimte. Bovendien is het essentieel om te meten of de armleuning wel onder de tafel geschoven kan worden. Als dit niet past, staan de stoelen altijd een stuk van de tafel af, wat veel loopruimte in de kamer wegneemt.
Rugleuning en actieve versus passieve zit
Een goede houding aan tafel is een balans tussen actief en passief zitten. Tijdens het eten zitten we vaak in een actieve houding: iets naar voren gebogen, gericht op het bord. Tijdens het gesprek daarna leunen we achterover in een passieve houding. Het ontwerp van de rugleuning moet beide ondersteunen.
Een rechte, stijve rugleuning dwingt tot een actieve houding, wat goed is voor de wervelkolom tijdens het eten, maar minder comfortabel voor een avondvullend programma. Een kuipstoel of een licht verende rugleuning biedt vaak meer flexibiliteit. Let hierbij op de bolling in de rug (de lendensteun). Deze moet de natuurlijke S-vorm van de wervelkolom volgen. Te diepe zittingen kunnen hierbij een valkuil zijn; als de zitting te diep is, bereikt de rug de leuning niet zonder onderuit te zakken, wat funest is voor de onderrug. Voor mensen met kortere benen kan een minder diepe zitting juist een verademing zijn, omdat de voeten dan plat op de grond kunnen blijven staan, wat essentieel is voor een stabiele bekkenpositie.

